Wie helpt de ander nog?
Wie helpt de ander nog?
Cultuurwetenschapper, werkte 35 jaar in de zorg
In een boek over ethiek staat een anekdote die schrijfster Astrid Roemer vertelde tijdens een interview. Lopend door een drukke mensenmassa op het Centraal Station in Utrecht viel haar oog op een oud vrouwtje dat duidelijk uit de toon viel. Het vrouwtje bewoog zich moeilijk en dreigde haar evenwicht te verliezen. Juist op dat moment liep Roemer langs haar en wist haar voor een val te behoeden. Vervolgens begeleidde zij het vrouwtje naar een bankje waar zij kon zitten en uitrusten.
Zittend naast het hulpbehoevende vrouwtje vroeg Roemer zich af waarmee zij haar nog meer kon helpen en concludeerde dat dat heel veel zou kunnen zijn. Ze zou het vrouwtje naar huis kunnen brengen, haar kunnen verschonen, eten kunnen geven en naar bed kunnen brengen. Hoe ver reikte haar zorg voor het oude vrouwtje? Moest zij de rest van haar leven voor haar zorgen? Vervolgens realiseerde ze zich dat die gedachte absurd was. Zorg kent namelijk grenzen. Zorg is niet onbegrensd.
Iemand uit mijn kennissenkring vertelde mij iets soortgelijks. Lopend in de nabijheid van station Sloterdijk werd zij aangesproken door een vrouw die haar hulp vroeg. Even verderop stond een man die haar hulp nodig had. De man was verward, stond wat wiebelig op........
