menu_open Columnists
We use cookies to provide some features and experiences in QOSHE

More information  .  Close

Oppelepop

5 0
yesterday

Striptekenaar en schrijver

Zou dat eigenlijk niet de ultieme titel zijn voor een eetrubriek?

Restaurantrecensies en gastronomische beschouwingen putten zich nog al eens uit in hoogdravend culinair jargon waar menigeen bij voorbaat de trek vergaat. Daarbij gaat men nogal eens voorbij aan één van die eerste, belangrijke, basale levenslessen; bordje leegeten. Oppelepop!

Niet eens met het dwingende argument dat men elders op de wereld nauwelijks iets te eten heeft, of dat de maaltijd vooral de groei dient, maar eerst en vooral; eten is de basis. De gezondheid als hoogste goed. Wat men er in stopt komt er ook weer uit. Goed eten is goed leven. Jezelf happy eten, én… eten en drinken kan heerlijk zijn. Die hele verzameling wandtegels wordt prachtig samengebald in dat eenvoudige ‘oppelepop’. Lekker gegeten, bordje leeg, voldaan gevoel.

Culinaire commentaren kunnen daarom behulpzaam zijn. Men kan hen zonder meer scharen onder de ambachtelijke journalistiek. Niet te verwarren met de entertainment-achtige, ‘tongue-in-cheek’-benadering van een t.v.-programma als pakweg ‘De Keuringsdienst van waarde’ of populaire bloggers/vloggers culi-ongein maar de gedegen journalistiek die zich licht en luchtig (het blijft natuurlijk gastronomie) en met kennis van zaken door culinair Nederland beweegt op de vette vleugels van foie gras, roomboter en smeuiig ganzenvet.

Hiske Versprille is zo iemand. Het welwillende gastrobesef straalt van haar Volkskrant-recensies af (“fijne snackjes”, ”Hysterisch lekkere sauzen”,” Kleindochtersauzen”), hoewel ze, indien teleurgesteld ook man en paard noemt. Restaurateurs en (beginnende-) koks krijgen van haar ruimhartig de kans. Debiteert men bolle culi-waanzin, dan stelt Versprille dat meedogenloos aan de kaak. Zoals het een serieuze professional betaamt dus.

Gevreesde zuurpruimen als oud-Panorama-hoofdredacteur Hans Auer (“Sommige restaurants zijn overbodig terwijl in de overige restaurants veel overbodigs gebeurt” ) en Johannes van Dam, die nooit een blad voor de mond nam (“Ik word weer boos als ik erover denk, het leek dus écht helemaal nergens op!” ) verloren zich nog wel eens in de storende ‘gedragingen’ van het bedienend personeel.

Nu opereerden beide heren nog in de duistere vorige eeuw waarin zij zich zeer veel moesten laten welgevallen. Sommige monsterlijkheden leven nog door tot op de dag van vandaag (“Heeft het gesmaakt? Prettige voortzetting? Alles naar wens? Goedenavond en wel thuis… Je hoort niet goed meer wat ze allemaal zeggen, want je hebt het te vaak gehoord. Wat ze zeggen wordt abstract. Ze zeggen van alles maar O Heer, ze weten niet hoe overbodig woorden kunnen zijn!” ). Maar ze hadden wél gelijk en voedden horeca-Nederland gaandeweg op.       

Versprille durft zomaar spreken van“hele lieve bediening”  tot het wat formelere “aardige gastvrouw”. Vrijwel altijd met de compassie en invoelendheid die niet noodzakelijkerwijs in een recensie thuis hoort, doch meer zegt over de bereidwilligheid waarmee de ‘alwetende recensent’ zich overgeeft. Tres sympatico.

Haar beschrijvingen van het mondgevoel met soms niet bestaande woorden, zijn feitelijk het hoogtepunt van haar zorgvuldig in elkaar gestoken stukjes. Wie een ervaring niet anders kan omschrijven dan strompig of strammig begeeft zich zonder meer op literair gebied. Mosselen zijn“sappige mollige diertjes” die indien verkeerd bereid de treurige aanblik van rozijnen krijgen. Ook korte omschrijvingen als “fijne vettigheid en dat hele heftige blauwekaasachtige waar kleine kinderen hard van gaan huilen” doen de inmiddels watertandende volwassen mondhoeken zalig krullen.

Uiteraard gaan die vele beschrijvingen van sfeer, voeding en fraaie wijnen in het hoofd van de lezer een geheel eigen leven leiden. Zou de alles-lustende recensent er soms net zo uit zien als ze klinkt? Een dame in wapperende zigeunerjurk, flinke bos rossige krullen en een kilootje of vijftien teveel (ook een beetje ‘mollig diertje’ dus, dat genoegzaam gaat spinnen als het gebodene bevalt). Het kan haast niet anders.

Ténzij er tussen eten en schrijven uiteraard keihard getraind wordt om al die zorgvuldig opgebouwde gastro-kilo’s weer aan de atmosfeer terug te geven natuurlijk. Maar dat wil ik mij dan weer niet voorstellen.

Meld je hieronder gratis aan voor Joop NL. Iedere donderdag een selectie opvallende nieuwsverhalen, opinies en cartoons in je mailbox.

Wij zijn voor, jij ook?


© Joop